Een initiatief van sloeproeienNL

EHBO aan boord


Een ongeluk zit in een klein hoekje. In een roeisloep of -boot is dit niet anders. Kleine boten zijn niet heel stabiel, dus vallen is altijd een risico (men zegt niet voor niets; één hand voor jezelf, en één voor de boot) dus loop nooit met 2 losse handen aan boord! Maar er zijn nog meer risico's; beknelling tussen wal en sloep, brand- of schaafwonden als een afmeerlijn of landvast door je handen glipt, tijdens het roeien is er risico op oververhitting of onderkoeling, en opvarenden kunnen getroffen worden door bijvoorbeeld een hartstilstand. Zorg dus voor een goedgevulde EHBO koffer aan boord, en zorg voor voldoende EHBO kennis aan boord! Zorg ervoor dat enkele opvarenden de Rode Kruis EHBO app op hun mobiel hebben, zodat je snel de juiste behandeling kunt opzoeken! 


Onderkoeling:  

Wat stel je vast bij ernstige onderkoeling? 

  • Het slachtoffer stopt met rillen. 
  • Dalend bewustzijn. 
  • Verminderde reflexen. 
  • De hartslag daalt. 
  • De spieren worden stijf. 
  • Mogelijk blauwe lippen, oren, vingers en tenen.

Wat doe je bij (ernstige) onderkoeling?

  • Roep hulp in, bij voorkeur met de marifoon, of bel 1-1-2. Vaar zo snel mogelijk richting de kant naar een plaats waar auto's dicht bij het water kunnen komen. Zorg ervoor dat je je positie kent. 
  • Voorkom verdere afkoeling: wikkel het slachtoffer in (reddings)dekens, en wikkel armen en benen afzonderlijk in.
  • Voorkom onnodige bewegingen of verplaatsing van het slachtoffer.
  • Verwijder (knip) eventueel natte kleding.
  • Geef het slachtoffer niets te eten en drinken.
  • Draag het slachtoffer over aan de professionele hulpdiensten. 

Oververhitting:

Iemand die oververhit is, heeft hoofdpijn en is misselijk. Het slachtoffer kan er erg verhit, rood uitzien, maar kan ook bleek zien met transpireren. Geef een oververhit persoon (bij voorkeur een sportdrank) te drinken

Wat doe je  bij oververhitting?

  • Breng het slachtoffer bij oververhitting in een koele omgeving of zorg voor schaduw. Je kunt samen met een aantal opvarenden een (reddings)deken boven het slachtoffer houden en zo voor schaduw zorgen. De zilveren kant weerkaatst het zonlicht. Leg een reddingsdeken nooit direct op het slachtoffer bij oververhitting. Dan kan hij zijn warmte niet kwijt.
  • Roep hulp in, bij voorkeur met de marifoon, of bel 1-1-2 wanneer het slachtoffer:
    • zich anders gedraagt dan normaal
    • suffer wordt of bewusteloos raakt

  • Vaar zo snel mogelijk richting de kant naar een plaats waar auto's dicht bij het water kunnen komen. Zorg ervoor dat je je positie kent. 
  • Start onmiddellijk met koelen: houd de huid nat, spons af met koud water, dompel onder in (ijskoud) water, wikkel het slachtoffer in een natte handdoek oid, koel vooral in oksels en liezen.
  • Geef nooit eten of drinken bij sufheid of bewusteloosheid.
  • Draag het slachtoffer over aan de professionele hulpdiensten.

Bewusteloosheid:

Bij een val of klap van een riem kan iemand het bewustzijn verliezen door de klap. Het slachtoffer reageert  dan niet (meer) op aanspreken en schudden en is dus bewusteloos. Roep direct hulp in, bij voorkeur met de marifoon, en bel 1-1-2 (de centralist weet precies wat je moet doen). Vaar zo snel mogelijk richting de kant naar een plaats waar auto's dicht bij het water kunnen komen. Zorg ervoor dat je je positie kent. 

  1. Het slachtoffer ademt normaal (heeft een effectieve ademhaling);
    1. Leg het slachtoffer op de zij (liefst in de stabiele zijligging) of volg aanwijzingen 112-centralist.
    2. Controleer elke minuut of de ademhaling normaal blijft.
    3. Zorg voor beschutting van het slachtoffer. Is het koud, leg dan een reddingsdeken over het slachtoffer heen.
    4. Stopt de ademhaling? Draai dan het slachtoffer op de rug en start reanimatie.
  2. Het slachtoffer heeft geen waarneembare ademhaling;
    1. Start direct reanimatie
    2. Als er een AED in de buurt is van de plaats waar je aan de kant komt, laat deze dan direct halen.
    3. Stop niet met reanimatie tot de professionele hulpdiensten er zijn en aangeven het over te nemen van je.